Member details
 Show in normal design
 
11 Jun, 23:00, 43 x viewed
Ik pakte het zwarte beeldje van de man op en drukte het met mijn ene arm tegen mijn borst, terwijl mijn hand de sokkel steunde. Het granieten beeldje van Isis schoof ik over het bureau naar me toe en ik zakte wat door mijn knieën om het tegen mijn borst aan te drukken. Ik probeerde mijn hand onder de sokkel te wurmen. Het viel me op dat de beeldjes even groot waren en bijna even zwaar. Ik kwam omhoog met de beeldjes in mijn armen en ik liep voor Damiën uit richting de trap. Ik moest tree voor tree de trap af lopen, want door de beeldjes in mijn armen kon ik niet goed zien waar ik mijn voeten neerzette. Beneden aan de trap stond ik even stil. Ik voelde direct de loop van Damiën zijn pistool in mijn rug prikken. “Doorlopen!” zei hij en pookte nog even met de loop om zijn woorden kracht bij te zetten. Ik liep zo langzaam mogelijk de gang door en had het gevoel of ik de weg van een terdoodveroordeelde af legde. Ik kon me nu heel goed inleven hoe hun zich moesten voelen op die laatste gang. Ik duwde met mijn elleboog de klink van de deur naar de entreezaal naar beneden en duwde hem met mijn lichaam open. De zaal rook naar geroosterd vlees. Alleen het idee van welk vlees hier geroosterd was maakte me lichtelijk misselijk. Kokhalzend zag ik achter de tempel een geblakerde hoop, wat eens Ruud geweest moest zijn, liggen. Ik hoorde Damiën achter mij zwaar ademhalen. Hij voelde zich duidelijk niet op zijn gemak. “Loop door en snel,” snauwde hij. Na een paar minuten liepen we de zaal van Egyptische oudheden binnen. De scherven van de deur van de vitrine kast lagen verspreid over de vloer. “Zet die beelden maar op de grond,” zei hij. Ik draaide me om en had weinig zin om zijn bevel op te volgen. Hij kwam met grote stappen op me aflopen en pakte het beeld van Isis uit mijn arm en duwde de loop van de revolver onder mijn kin in mijn hals. “Zak langzaam naar beneden en zet het beeld op de grond,” zei hij zachtjes. Langzaam zakte ik door mijn knieën en zette het beeldje op de grond. “Pak het andere beeld en zet het ook op de grond en doe het rustig zei hij.” Nadat ik de beeldjes op de grond gezet had zei hij me op te staan.

Hij pakte mijn hand beet en trok me richting de vitrinekast. Ik probeerde mijn hand los te wringen maar het leek alsof mijn hand in een bankschroef zat. Hij plaatste mijn vingers op het slot van de vitrine kast.” Beetje vreemd hè,” zei hij,” als de politie vingerafdrukken gaat nemen en die van jou zijn hier niet te vinden.” “ Gut, wat intelligent zeg,” sneerde ik. “Waarom duw je niet gelijk mijn hand door het glas?” “ Goed idee van je,” en hij lachte. Voor ik het wist ramde hij mijn hand door een gedeelte van het glas wat nog heel was. Ik gilde het uit van pijn.” Jij godvergeten klootzak! Hier zal je spijt van krijgen,” gilde ik en draaide me half om en beet hem in zijn pols zo hard ik kon. Hij schreeuwde en moest me wel los laten. Hij haalde uit met de hand waarin hij zijn revolver vasthield en raakte me tegen mijn hoofd. Ik viel tegen de vitrinekast aan die met een klap omviel. Ik kwam midden tussen de glasscherven en historische voorwerpen terecht. Glas sneed door mijn dunne broek heen en ik kreunde. Shit, wat een klote zooi was dit. Ik voelde wat warms langs mijn wang lopen. Toen ik het probeerde weg te vegen was mijn hand rood van het bloed. Damiën had me zo hard geraakt dat ik een wond op mijn hoofd had. “Stomme trut,” zei hij hees. Ik zag hem aanstalten maken om naar me toe te lopen. Ik lag nog steeds op de grond en was zo duizelig dat opstaan op dit moment geen optie was. De temperatuur in de zaal leek langzaam op te lopen. In mijn hoofd gingen duizend alarmbellen over en ik wilde hier weg. Na wat ik in de tempel gezien had wilde ik hier niet zijn.

In een werveling van warmte stond hij daar. In zijn witte linnen kleding, met een spottend lachje om zijn lippen. Damiën aarzelde even maar schoot toen een paar keer op het wezen. Zonder dat het ook maar enig resultaat scheen te hebben. “Schijnbaar gaat hij nu ook weer wegkomen,” kon ik niet nalaten te zeggen. Dat had ik beter niet kunnen doen want hij richte zijn revolver nu op mij. Zijn knappe gezicht was vertrokken van woede. “Dit alles is jouw schuld.” De woorden spuugde hij bijna uit.” Als jij en je vriendje er niet geweest waren dan waren de spullen nu al lang en breed het museum uit geweest en geen haan die er naar gekraaid had.” Nog steeds liep de temperatuur in de zaal op en ik zag straaltjes zweet van Damiën zijn voorhoofd af lopen. Ik zag de man naar één van de stenen sarcofagen lopen die open op de grond stond. Damiën die hierdoor afgeleid werd keek naar hem. De man ging in de stenen sarcofaag liggen met zijn armen gekruist over elkaar zoals een farao. Hij grinnikte ineens als een waanzinnige en sprong weer uit de sarcofaag. Damiën keek hem vol ongeloof aan. Zijn hersens leken niet te bevatten wat zijn ogen zagen. Mijn aanwezigheid kon hij nog verklaren maar die van de in het wit geklede man niet. Ondanks dat ik hem de grootste klootzak ter wereld vond had ik toch wel enige bewondering voor Damiën toen hij resoluut naar de man toeliep. Hij hield de revolver op hem gericht en wilde hem bij zijn arm pakken.” Ik weet niet wat jij onder dat shirt aan hebt, maar een kogel door je hoofd houd jij zelfs niet tegen.” Zijn stem trilde van ingehouden woede. Op het moment dat hij de man beet wilde pakken haalde die licht uit met zijn arm en ik zag Damiën naar het ander eind van de zaal vliegen en met een klap op de grond terecht komen. De temperatuur in de zaal begon nu ondragelijk warm te worden. “Ga,” klonk het net als in tempel door mijn hoofd. Ik schudde mijn hoofd.” Dat gaat niet,” zei ik. Mijn hoofd bloedde nog steeds en ik was zo duizelig dat ik geen stap kon verzetten. Ik was moe en al mijn spieren deden pijn. Mijn kleren waren aan alle kanten gescheurd door de glasscherven van de vitrinekast. De intense hitte in de zaal maakte me loom en eigenlijk wilde ik alleen maar slapen. “Slaap dan maar,” hoorde ik hem zeggen. Ik was me er vaag van bewust dat het brandalarm afging en ergens aan het uiteinden van mijn bewustzijn zag ik Damiën krijsend door de zaal lopen terwijl zijn haar in de brand stond. Hij klauwde aan zijn kleding en probeerde de beelden op de grond te pakken. Door de hitte sprongen de ruiten van de andere vitrines en vlogen de windsels van één van de mummies in brand. Ik zakte weg in de koelte van het donker met Damiën zijn gekrijs nog in mijn oren.

Ik werd wakker door het geluid van vreemde stemmen.” Jezus Christus, “wat een zooitje hoorde ik iemand zeggen.” O, mijn god!” Ik hoorde iemand kokhalzen en weglopen. Om mij heen was het donker. Ik bewoog maar kon nergens heen. Ik voelde met mijn handen alleen maar steen om mij heen. Naast mij voelde ik een paar harde voorwerpen die ongemakkelijk in mijn zij prikten. Ik kreeg het behoorlijk benauwd en tastte met mijn handen naar boven. Ik duwde met alle kracht die ik nog in mij had. Wat het ook was waar ik in lag de bovenkant verschoof een stukje. Ik zag een streepje licht naar binnen komen. Door de kier kwam een walm van rook naar binnen en ik begon te hoesten. “Hé, hierheen,” hoorde ik iemand roepen.” Er zit iemand in die kist.” “ Ja, een mummie,” hoorde ik een ander zeggen.” Sinds wanneer heb jij een mummie horen hoesten idioot!” Een paar seconden daarna schoof het deksel van mijn stenen gevangenis opzij en keek ik in het gezicht van een paar brandweer mannen. Één van de mannen riep in zijn radio om een ambulancemedewerker. Voorzichtig hielpen ze me zover overeind zodat ik kon zitten. De harde voorwerpen die zo ongemakkelijk in mijn zij geprikt hadden waren de beelden van Isis en de man. Ik zag dat ik in de stenen sarcofaag zat waar in mijn gevoel even daarvoor de man in gelegen had. De ambulancemedewerker die inmiddels de zaal binnen gekomen was zette een zuurstofmasker over mijn neus en mond en voelde mijn pols. Ik keek de zaal rond en zag een ravage. Alle ruiten van de vitrines waren gesprongen. Onder een wit laken vermoedde ik het lichaam van Damiën. Dezelfde geur van gebakken vlees hing hier net als eerder op de avond in de entreezaal. Van de vreemde man in het wit was niets meer te bekennen. Een agent kwam binnen lopen en ik hoorde hem zeggen dat ze in de opslagruimte nog een lichaam gevonden hadden.

De ambulance medewerker hielp me uit de sarcofaag stappen. Ik wees op de twee beelden en een brandweerman pakte ze op en liep achter ons aan richting de entreezaal. Daar was het ook een chaos van door elkaar krioelende hulpdiensten. Een man in jeans en T-shirt stapte op mij af en identificeerde zichzelf als Tom de Vries een rechercheur bij de plaatselijke politie. Hij vroeg mij of ik in staat was een verklaring af te leggen, ik knikte vermoeid en ging zitten op de traptreden die naar de tempel van Taffeh voerde. Ik vertelde hem dat ik ingesloten was in het museum en dat ik de directeur overlopen had op het moment dat hij een aantal voorwerpen illegaal uit het museum wilde verwijderen. Ik verklaarde dat ik moest dienen als schuldige en door de directeur meegenomen was naar de zaal van Egyptische oudheden. Dat ik daar buiten westen ben geraakt en dat ik verder geen verklaring had voor de chaos die was ontstaan. Het leek me niet wijs om hier een verhaal op te hangen over een man die anderen spontaan kon doen ontbranden. Op dat moment zag ik een oudere man met zilvergrijs haar het museum binnen komen. Ik hoorde hem enige woorden in het Engels met een politieagent wisselen die hem een man aanwees die bij de informatie balie stond. Ik herkende de man als Jacobs de onderdirecteur van het museum. De man die op Jacobs af liep had een olijfkleurige huid. Hij was gekleed in een lichtgrijs zomerpak. Hij stelde zich voor als Ramazan Jarwan en liet een badge zien. Na een kort gesprek en een verwonderde blik van Jacobs zag ik ze mijn kant uit komen lopen. De blik van Jarwan was gericht op de beelden van Isis en de man die naast mij stonden. Hij stak zijn hand uit en stelde zich aan mij voor. Zijn Engels had een Arabisch accent. De beelden waren gestolen in Egypte zei hij. Ze waren er een paar dagen geleden achter gekomen dat Damiën ze gekocht had met geld dat aan het museum behoorde. Hij knikte me vriendelijk toe, pakte de beelden op en wilde zich omdraaien. Ik haalde het zuurstofmasker, wat de hulpvaardige ambulancebroeder weer opgezet had van mijn gezicht af. Ik kon Jarwan niet laten gaan zonder uitleg. “Wie is het,” vroeg ik nog enigszins piepend. Jarwan keek me bevreemd aan. “Dat beeld van die man, wie is hij?” “ Het beeld moet de hoge edelman Senefer voorstellen zei hij.” “ O,” zei ik wat teleurgesteld. Hij glimlachte,” Senefer zo wordt er verteld “zei hij, “zou een hoogmoedige edelman geweest zijn. Trots op zijn rijkdom en schoonheid. En hij geloofde niet in de goden. Hij daagde Isis uit. Hij beloofde haar voor eeuwig te dienen als ze werkelijk zou bestaan. Isis nam wraak op de haar aangedane belediging en sindsdien dient hij haar. Een paar suppoosten in het museum in Cairo beweren dat ze hem regelmatig door het museum zien dwalen. Gekleed in wit linnen. Zo gaat het verhaal,” zei hij met een glimlach en haalde zijn schouders op. Opnieuw draaide hij zich om en begon naar de uitgang van het museum te lopen.

De ambulancebroeder hielp mij voorzichtig omhoog en ik begon ook richting de uitgang te lopen waar het zwart stond van de mensen. Nog eenmaal keek ik achterom naar de tempel. Bij de ingang stond een man in het wit tegen de muur geleund. Hij leek zijn nagels te bestuderen. Hij glimlachte naar me en in mijn hoofd hoorde ik zijn gegrinnik. Hij draaide zich om en verdween in de tempel. Ik heb hem daarna nooit meer gezien, maar soms voel ik een warme fluistering om mij heen. Ik tel nu de dagen af totdat ik naar Egypte kan afreizen.


http://verasimon.hyves.nl/blog/13166657/Museumgeheimen_deel_3/nesJ/



© Vera Simon
Forward  Flag as offensive
Tags (i)
The owner of the photo/video/blog can see who posted the tag, and only friends are allowed to tag. Max. 10 tags per photo/video/blog.
 
18 Jun, 21:59
Ademloos heb ik dit zitten lezen.
Spannend geschreven. (y)
Eindelijk tijd om bij mn hyves-vriendinnen bij te lezen. Ik ga de andere 3 ook nog doen hoor!
16 Jun, 14:47
Heey Veer!!

Nou ik heb weer ademloos zitten lezen.
Een dikke 10 van deze kant!

Heb je nog meer van dat soort verhalen?
Kom maar op! ik ben er klaar voor!!!


Groetjes, Carin.

15 Jun, 23:26
Wat spannend, en ik meende bijna, o 't is een doorsnee politieverhaal... Maar jij geeft 't wel erg originele afloop hoor!
Knap
14 Jun, 23:38
Heerlijk verhaal Vera. In een ruk uitgelezen, lekker!!
Knufff Marga
14 Jun, 22:54
Voel een beetje een "deel 2" opkomen in Cairo... kan niet wachten;-)

Heb veel leesplezier gehad Vera:perfect: !
14 Jun, 21:08
Hoi Vera,

Wat een mooi einde, prachtig dat mysterieuze
aspect verweven met realiteit.
Ook het laatste deel bleef spannend en boeiend, ik heb er erg van genoten.

Schrijf jij maar lekker door, ik kijk nu uit
naar een volgend verhaal!

Enthousiaste groeten van Janny
13 Jun, 10:44
Ik vind het echt ontzettend knap hoe je dit verhaal hebt geschreven ... de opbouw, de beeldvorming, de sfeer, de uitwijding. Ik schrijf zelf altijd vrij compact. Welke positie heb je behaald in de schrijfwedstrijd? In ieder geval: petje af! (y)
12 Jun, 15:43
hoi vera

ik vind het goed geschreven hoor, ik doe het je niet na.:cheer:

gr
12 Jun, 13:30
Dat was niet gering.
12 Jun, 13:28
En dat allemaal in ons eigen museum van Oudheden!!! Wauw. Goed gedaan hoor!
12 Jun, 08:19
haha, ik vind de ontknoping minder spannend dan de opbouw er naar toe. ;-)
Maar ja, daar heb ik wel vaker last van. :-(

Zo kan ook de weg ergens naar toe interessanter zijn dan de uiteindelijke bestemming.
En je eerste delen zijn ook een weg ergens naar toe.

Het is wel een behoorlijk lang verhaal geworden.
Het kan korter, niet door het plot veranderen maar door overbodige woorden weg te halen. Er staan geregeld woorden in je verhaal die niet niet echt nodig zijn voor de sfeer, of de handeling in je verhaal.


Ik laat vaak een verhaal een tijdje liggen, lees het nog eens, leg het weer weg, etc...
En bijna altijd haal ik dan nog woorden weg. Zelden komen er woorden bij.

groet, John.
12 Jun, 07:36
Yvon, zelf had ik dat ook wel uit willen bouwen maar binnen de condities die de wedstrijd aan het verhaal stelde werd dat een beetje moeilijk en ik had niet veel tijd meer voor de sluitingsdatum.
12 Jun, 06:25
Ha Vera,

Goed verhaal! (y) Had zelf nog wel wat meer uitleg over Senefer willen lezen, hij boeide me zeer.

Op naar 't volgende verhaal?

Groetjes, Yvon.
12 Jun, 00:18
Heerlijk meid,wat een prachtig verhaal ik heb nog eens alle delen achter elkaar gelezen, Mooooooi en een hele dikke 10! ;-)

Ik kijk al uit als je digitale pen weer begint te schrijven!

Liefs Esther